Literatuurplein.nl
Kom kijken op het Marktplein! Klik hier!
Wachtwoord vergeten?

Controle op menselijke interactie

Nog geen Literatuurplein-account?

Meld u nu aan om gebruik te maken van alle functionaliteit van het Literatuurplein! Klik hier

Selecteer uw favoriete onderwerpen

Reset portlets

Kies een paginakleur

  • Verras mij
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
Keuzes verbergen

21-04-2009 Theo Thijssen-prijs 2009 voor Ted van Lieshout

 
Toon volledige grootte
Het bestuur van de Stichting P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde heeft gisteren besloten de Theo Thijssen-prijs, een driejaarlijkse oeuvreprijs bestemd voor een schrijver van kinder- en jeugdliteratuur, in 2009 uit te reiken aan Ted van Lieshout. De prijs, waaraan een bedrag van 60.000 euro is verbonden, is toegekend op voordracht van een jury, bestaande uit voorzitter Wim Hofman en de leden Toin Duijx, Ed Franck, Rietje Nivard en Sanne Parlevliet. Hij wordt in september uitgereikt in het Letterkundig Museum in Den Haag.

Indringende beelden
De jury eert in Ted van Lieshout een schrijver en dichter die ook als illustrator, boekenmaker én activist vanaf 1986 een veelzijdig en kwalitatief hoogstaand oeuvre heeft opgebouwd. ‘In zijn poëzie krijgen eenvoudige woorden een heel speciale betekenis en dat maakt het lezen van zijn gedichten tot een belevenis. Alledaagse dingen worden vaak op originele wijze verwoord. Van Lieshout speelt met woorden, weegt ze af, laat overbodige taal weg, biedt hoop en roept indringende beelden op.’

Grappige hoedjes
Ted van Lieshout, in 1955 geboren in Eindhoven, studeerde aan de Rietveld Academie te Amsterdam grafisch ontwerpen en illustreren. Nadat hij in 1980 was afgestudeerd, maakte hij enige tijd illustraties en boekomslagen. Daartoe aangespoord door Karel Eykman, voor wie hij in ‘De Blauw Geruite Kiel’ (de kinderbijlage van Vrij Nederland) gedichten van anderen illustreerde, is hij medio jaren ‘80 zelf begonnen met het schrijven van poëzie. Tegelijk met het prozaboek Raafs reizend theater verscheen in 1986 zijn eerste dichtbundel, Van verdriet kun je grappige hoedjes vouwen.

Relativering
De titel is kenmerkend voor zijn poëzie. Veel van zijn gedichten zijn ‘momenten uit het leven van een jongen die zonder vader opgroeit’. Toen hij zeven was, is zijn eigen vader overleden. Toch zijn ze het tegendeel van treurig en sentimenteel. Verdriet heeft ook een mooie kant: de herinneringen die je kunt ophalen en waarover je na kunt denken. ‘Relativering is voor mij als schrijver het belangrijkste woord. Ik schrijf nooit over verdriet zonder het te relativeren,’ zei hij in een interview.

Gouden Griffel
Begin een torentje van niks (1994) was de eerste dichtbundel voor kinderen die werd bekroond met de Gouden Griffel. In Jij bent mijn mooiste landschap (2003) heeft hij de gedichten uit zeven van zijn eerdere bundels opnieuw gerangschikt en ‘in elkaars landschap geplaatst’. In die landschappen hebben ook zijn tekeningen een aangepaste plek. In die tekeningen toont hij zich meer een beeldend kunstenaar dan een illustrator. Voor zijn illustraties heeft hij eveneens heel wat prijzen gekregen.

Ingetogen en openhartig
Een Zilveren Zoen kreeg hij voor de oorspronkelijk in 1996 verschenen jeugdroman Gebr., een van zijn meest vertaalde boeken. De jongste van twee broers is op zijn veertiende aan de ziekte van Wilson overleden. De oudere broer behoedt diens dagboek voor verbranding en leert, door het te lezen en van commentaar te voorzien, veel over zijn broer én over zichzelf en zijn geaardheid. Zeer kleine liefde (1999), bekroond met de Nienke van Hichtum-prijs, bevat foto's, gedichten en brieven van een jongen van twaalf die seksueel is misbruikt door een volwassene. Hij schrijft ingetogen en toch openhartig, afstandelijk en toch ontroerend over een onmogelijke liefde.

Telboeken
‘Een prachtige combinatie van kunst, autobiografie en poëzie,’ schreef de jury van de Gouden Uil Jeugdliteratuurprijs over het genomineerde Papieren museum (2002), waarvan daarna nog twee delen zijn verschenen. In 3 (2007) en 4 (2008) worden kinderen uitgedaagd bij telkens 25 kunstwerken uit het Rijksmuseum op zoek te gaan naar veelvouden van respectievelijk 3 en 4.

Tekst en copyright: Jef van Gool / Literatuurplein
Personen