Literatuurplein.nl
Kom kijken op het Marktplein! Klik hier!
Wachtwoord vergeten?

Controle op menselijke interactie

Nog geen Literatuurplein-account?

Meld u nu aan om gebruik te maken van alle functionaliteit van het Literatuurplein! Klik hier

Selecteer uw favoriete onderwerpen

Reset portlets

Kies een paginakleur

  • Verras mij
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
Keuzes verbergen

Recensie

Het klokkengelijkzetinstituut van Ahmet Hamdi Tanpinar
door Ellen IJzerman
(Ellen IJzerman, liefhebber van boeken en paarden, heeft ook haar eigen boekensite.)

Soms weet je als lezer vooraf dat je een boek goed moet vinden, omdat iedereen ‘met verstand van zaken’ je vertelt dat dat zo is. Het klokkengelijkzetinstituut is zo'n boek. Knap geschreven, heel goed vertaald, het heeft als protagonist zo'n heerlijk onbetrouwbare verteller, het is ironisch, absurd… kortom alle ingrediënten zijn aanwezig om te zorgen voor een fantastische leeservaring. Toch werd het dat niet. Hayri Irdals terugblik op zijn leven, waarin de oprichting van het totaal overbodige klokkengelijkzetinstituut een belangrijke rol speelde, is vermakelijk, maar daar bleef het bij.

Misschien dat te hoog gespannen verwachtingen daar mede debet aan zijn geweest. Zoals Kirsty Logan het laatst verwoordde: Neem een ongelezen boek in je hand. [...] Ik durf te beweren dat er een grote kans is, dat de literaire wereld die je zojuist bedacht hebt, spannender zal zijn en je meer inzichten zal opleveren dan de wereld die dat ene boek zal bevatten. Het kan best een geweldig boek zijn; het beste boek dat je ooit gelezen hebt. Maar je fantasie bevat alle mogelijk verhalen, alle mogelijke inzichten en elk boek kan daar maar een klein deel van bevatten.

Vermakelijk zijn de lotgevallen van Hayri Irdal zonder meer. Het begint al met de eerste zin, waarin hij bekent dat hij niet bijzonder gesteld is op lezen en schrijven. Het enige dat de schamele hoeveelheid gelezen boeken en ‘psychoanalytische publicaties’ van zijn vriend en psychiater dokter Ramiz Irdal hebben opgeleverd, is dat hij in gesprekken met diezelfde dokter Ramiz zijn incompetentie kan verhullen. Het is de schuld van zijn vader die niet wilde dat hij iets anders las dan Arabische grammatica en vormleer en zijn schoolboeken, maar misschien lag het ook aan de censuur en inperking dat Irdal niet wilde lezen. Dat laatste is natuurlijk een niet mis te verstane verwijzing naar de maatregelen die Atatürk liet uitvoeren om het Osmaanse Turkije om te vormen naar een seculiere, westerse samenleving. Hij verving onder andere het Arabische alfabet door het Latijnse en liet alle van oorsprong Perzische, Arabische en Griekse woorden vervangen door Turkse.

Irdals lotgevallen laten duidelijk zien dat de door Atatürk van bovenaf opgelegde veranderingen op de gewone mensen weinig vat hadden en zo nu en dan hilarische taferelen opleverden. Het aardigste deel van de memoires van Irdal betreffen de oprichting en het functioneren van het Klokkengelijkzetinstituut. Meegesleurd door het enthousiasme van de door Irdal zeer bewonderde ‘snelle’ zakenman Halit Ayarci, werkt hij mee aan het opzetten van dit instituut zonder daar zelf maar enig nut in te zien. Toch schopt hij het tot adjunct-directeur en is zelfs in staat om een biografie te schrijven van de niet bestaande filosoof Ahmet Zamani, waardoor hij niet alleen in Turkije bekend wordt maar over de hele wereld. Van Humbert, de Nederlandse topgeleerde, reist zelfs speciaal af naar Turkije om het graf van deze filosoof te kunnen bezoeken, waarmee hij Irdal natuurlijk wel in de problemen brengt. Maar Irdal vindt gelukkig een graf, dat kan worden gebruikt om de Nederlandse topgeleerde tevreden te stellen.

Het is dan ook behoorlijk zuur dat op het moment dat Irdal, zijns ondanks, ervan overtuigd is geraakt dat de instelling daadwerkelijk noodzakelijk werk verrichtte, daadwerkelijk een moderne organisatie was, hij verantwoordelijk is voor de gebeurtenissen die leiden tot de opheffing van het instituut. Als de leider van een buitenlandse delegatie hem de vraag stelt die hij zelf al jaren aan Halit stelt, overtuigen zijn antwoorden de leider van de delegatie niet. Dat vormt de aanleiding tot het schandaal, dat het instituut laat instorten en ook Halit Ayarci ten val brengt. Arme Irdal, net nu hij zichzelf begon te geloven.

Wat is het jammer dat zo'n prachtig boek uiteindelijk niet meer oplevert dan de kwalificatie ‘vermakelijk’. Het had gewoon ongelezen in de boekenkast moeten blijven staan, dan was het nog steeds prachtig geweest.