Sint-Petersburg
Sint Petersburg staat bekend als literaire stad. Veel schrijvers en dichters woonden er, of zijn geboren. In verhalen en gedichten van o.a. Poesjkin, Achmatova, Mandelstam of Brodski is de stad dan ook ruimschoots terug te vinden. De personages wandelen over de Nevski Prospekt, lopen door de mist langs de Neva of liggen op een divan te niksen (denk aan Oblomov van I.A. Gontsjarow).
Ook nu nog is er veel te beleven, lees bv. wat correspondent Pieter Waterdrinker schreef in De correspondent over zijn ervaringen in het immense Rusland en uiteraard ook over de plaats waar hij woont, Sint Petersburg.
Of lees Jan Brokkens De gloed van Sint-Petersburg (2016). Een betere inleiding op een bezoek aan Sint-Petersburg kan de liefhebber van literatuur en cultuur zich niet wensen. Zijn wandelingen door de stad roepen de geest op van dichters en dissidenten, van gekken en genieën, van wanhopigen en geliefden. Of, in zijn eigen woorden: "Alles is literatuur in deze stad, alles is muziek".

Het wat oudere Sint-Petersburg onderhuids (2003) van Hans Boland is ook veel meer dan een rondleiding aan de hand van vijf en twintig wandelingen door deze voormalige Russische hoofdstad (ofwel Leningrad ten tijde van het communisme). Boland vertelt over tsaren, bouwmeesters, dichters, schrijvers en andere inwoners die haar levensloop en beeld bepaalden, maar ook over de politiek en de Tweede Wereldoorlog die haar buitensporig heeft geteisterd. Zijn relaas leest als een spannende, tragische maar ook grandioze geschiedenis van de Russische samenleving. Het boek is geïllustreerd en voorzien van plattegronden. Alleen nog 2e hands verkrijgbaar.

Marente de Moor tenslotte woonde in Sint-Petersburg in een tijd die de meeste Russen liever snel vergeten: de gevaarlijke en chaotische jaren negentig. Maar uit de schetsen in haar Petersburgse vertellingen- Jaren in Rusland blijkt dat achter die werkelijkheid van voortdurende crises en georganiseerde misdaad een charmante gekte schuilging, waarin muzikanten over de daken zwierven en beren in bussen op de stoep woonden, de verkeerspolitie zich liet uitbetalen in langspeelplaten en in het 'Arbeidspaleis' een quasi koptische kerk boven een homobar was gevestigd.
Onlangs keerde ze terug naar Rusland, om te onderzoeken hoe groot nu de invloed van het Kremlin is op deze eigenzinnige stad.

Aan schrijvers gewijde musea
Sint-Petersburg houdt veel van zijn schrijvers in ere, zelfs als zij lange tijd verguisd werden door het Sovjetbewind. In het grote literatuurmuseum, het Pushkin House Literature Museum treft de bezoeker een gigantische hoeveelheid boeken, handschriften, eigendommen van vele Russische schrijvers uit de 18e tot de 20ste eeuw (foto links). Voor wat extra informatie, zie het overzicht van Russische musea.
Buiten dit algemene literatuurmuseum, aan de Makarova Embankement 2, dat dus alleen maar vernoemd is naar Aleksandr Sergejewitsj Poesjkin, zijn er verschillende kleinere musea gewijd aan afzonderlijke schrijvers.

Aan Aleksandr Poesjkin (1799–1837) bijvoorbeeld, zijn twee afzonderlijke musea gewijd. In het huis aan de Mojka waar hij woonde tot zijn dood in 1837 is nu het Pushkin Apartment Museum gevestigd, en in zijn buitenhuis is nu het Pushkin Country House museum.

Eén van de belangrijkste Russische dichters uit de 20e eeuw, Anna Achmatova (1889-1966) heeft ook een eigen museum in Sint Petersburg. Het is gevestigd in het appartement aan de Liteiny Prospekt 53, waar zij lange tijd gewoond heeft. Correspondent Michel Krielaars beschrijft zijn bezoek aan dit museum in Het brilletje van Tsjechov (hoofdstuk De muze van Brodski , pag.138 e.v.). Meer informatie: Anna Akhmatova Museum at the Fountain House.

Vladimir Nabokov (1899-1977) werd geboren in Sint Petersburg. Hij emigreerde na de revolutie van 1917 naar Groot Brittannië en woonde vervolgens in verschillende Europese landen. In Sint Petersburg is een museum aan hem gewijd, het Vladimir Nabokov House Museum.

Fjodor Dostojevski (1821-1881) leefde lange tijd in Sint-Petersburg. Zijn roman Misdaad en Straf speelt zich af in deze stad, en de verschillende plaatsen die hij beschrijft zijn nog steeds te herkennen. In het huis waar Dostojevski de laatste drie jaar van zijn leven doorbracht is nu het Dostoevsky Memorial Museum gevestigd. Je loopt het gewoon voorbij als je niet weet dat het er is. Het ligt op de hoek van de Kuznechylaan en de Yamskayastraat (foto rechts).

Osip Mandelstam (1891-1938), vaak beschouwd als de grootste Russische dichter van de 20e eeuw, groeide op en studeerde in Sint-Petersburg, maar hij heeft er nog steeds geen museum. Er worden wel pogingen daartoe ondernomen.

Nikolaj Gogol was korte tijd professor aan de universiteit van Sint-Petersburg. Een aantal van zijn korte verhalen (bijvoorbeeld Nevski Prospekt) speelt zich af in die stad, maar aan hem is niet in Sint-Petersburg, maar in Moskou een museum gewijd.

Laatst gewijzigd: 13-04-2017

Naar de overzichtspagina