AKO-Literatuurprijs 2010

Ga direct naar

Details:

Aantal inzendingen: 430 titels
Prijzengeld: 50.000 euro
Plaats en datum uitreiking: Haarlem, Teylers Museum, 8 november 2010


Winnaar

  • David Van Reybrouck - Congo

    David van Reybrouck beschrijft de geschiedenis van Congo van 1850 tot 2010 en verbindt op weergaloze wijze het begin van de Belgische aanwezigheid met de huidige situatie in dat land. De auteur ging op zoek naar het lokale perspectief, naar zoveel mogelijk Congolese stemmen. De levensgeschiedenis van één stem overspant bijna die tijdsperiode, gepersonifieerd in de figuur van Etienne Nkasi, een man die beweert 128 jaar te zijn.

    Door zich te baseren op historische gegevens en zich uitgebreid te documenteren gaat Van Reybrouck te werk als historicus. Hij doet echter geen enkele moeite de romancier in zichzelf te onderdrukken. Persoonlijke levensverhalen, herinneringen en anekdotes verweeft hij met zijn eigen observaties en belevenissen, en zo schrijft hij een geschiedenis. Zijn superieure literaire stijl geven de feiten vleugels, haalt ze onderuit en dompelt de lezer onder in een verbijsterende historische documentaire. Niets is onmogelijk in de werkelijkheid van dit kloeke boek.

    Congo, een geschiedenis is een knap gecomponeerd verhaal over uitbuiting, slavernij, kolonialisme, terreur, veerkracht en overleven. Het is het verhaal dat Van Reybrouck moest vertellen en dat doet hij zonder ook maar een moment de greep op zijn materiaal te verliezen: persoonlijk, meeslepend, humaan, toegankelijk en bijna achteloos.

    De jury
    Femke Halsema, voorzitter
    Maarten Dessing
    Sylvia Dornseiffer
    Frank Hellemans
    Jeroen Overstijns
    Fleur Speet


Genomineerd

  • Kees van Beijnum - Een soort familie

    Rapport Kees van Beijnum:
    In Een soort familie beschrijft Kees van Beijnum hoe twee broers, opgroeiend in een dorp aan de Waddenzee in de jaren tachtig, zich proberen te verhouden tot het pacifistische activisme van hun ouders. Het monotone ritme van doordeweekse voorbereidingen op bijeenkomsten van ʻde bewegingʼ in het weekend herinnert aan de gereformeerde beklemming die veel Nederlandse gezinnen in eerdere decennia kenmerkte. Van Beijnum brengt dit politiek idealistische en tegelijkertijd bekrompen milieu origineel en verrassend tot leven. Terwijl de oudste zoon tegen zijn ouders rebelleert, probeert de jongste zoon hen juist met elkaar te verzoenen. Als de oudste zoon plotseling bij een onopgehelderd ongeluk komt te overlijden, valt het gezin uiteen.

    Van Beijnum kiest in deze prachtig gecomponeerde roman het perspectief van de jongste zoon die, inmiddels volwassen, terugkijkt op zijn benauwde jeugd en het verlies van zijn familie. Zijn onvermogen om zich als volwassene over te geven aan zijn eigen kind en vrouw, en de regie over zijn bestaan te nemen, brengt Van Beijnum geraffineerd en meeslepend in verband met het grote trauma van zijn jonge jaren. Het gevolg is een gelaagde roman over eenzaamheid en ontheemdheid, waarbij juist de sobere, nietsentimentele stijl ontroert.


  • Oscar van den Boogaard - Meer dan een minnaar

    Rapport Oscar van den Boogaard:
    Meer dan een minnaar van Oscar van den Boogaard is een roman zoals je hoopt dat iedere roman zal zijn wanneer je de eerste bladzijde openslaat. Een boek waarvan het lenige ritme je betovert, de montere toon je verleidt en de intrigerende plot je in een meeslepend crescendo naar een onafwendbare en toch onverwachte climax voert.

    Meer dan een minnaar is een virtuoos melodrama over geboorte en dood; het ontroert en roept mededogen op. Het is een boek dat de grote tragedies van het leven beschrijft en door de vaak indirecte en impliciete manier van vertellen perfect balanceert op de grens tussen kunst en kitsch. De personages in Van den Boogaards roman lopen ieder op hun manier het gevaar ʻaan hun familie ten onder gaanʼ, zoals de schrijver in de eerste zin aankondigt. Soepel schakelend tussen het ene en het andere personage laat hij zien hoe het teveel van de één het tekort van de ander is, maar ook hoe – zonder dat ze dat zelf beseffen – hun levensgeschiedenissen en karakters hen binden.

    De levens van twee families uit Sint-Martens-Latem dreigen voorgoed kapot te gaan door de ramp met de Herald of Free Enterprise die hen op 6 maart 1987 treft. Van den Boogaard verrast zijn lezers met een even onverwachte als zorgvuldig voorbereide draai aan zijn verhaal. Wat op een drama lijkt af te steven, krijgt toch een happy end, passend bij de optimistische namen van de hoofdpersonen Regina, Noël en August. Als je na uren puur leesplezier de laatste bladzijde dichtslaat, past slechts één emotie: diepe bewondering.

  • Tom Lanoye - Sprakeloos

    Rapport Tom Lanoye:
    Sprakeloos lijkt een grafschrift voor een overleden moeder. Maar al wordt haar tragische aftakeling beschreven, het boek ontplooit zich vooral tot de viering van het bestaan en een feest van het schrijven.

    Tom Lanoye schetst via zijn ouders en hun slagerij zijn jeugdjaren in Sint-Niklaas, de jaren na de Tweede Wereldoorlog waarin na een aarzelende start de vooruitgang definitief doorbrak. Als amateuractrice leerde zijn moeder hem wat schaamteloze uitbundigheid was, en zo wordt dit boek ook een ode aan het leven. Subtiel en meerstemmig verbeeldt Lanoye hoe zijn moeder hem steunde, in haar greep had en dwong om zich van haar te ontdoen. Waarna de vrijgekomen ruimte opgevuld wordt met nog meer liefde. Opvallend is hoe de auteur in zijn kroniek de diepste lagen van zijn gevoel niet in woorden giet en zich schijnbaar afhoudt van zijn verdriet over haar overlijden. Maar je voelt dat verdriet juist in de afwezigheid van die expliciete beschrijving. Lanoye kiest heel geslaagd voor de barokke schijnbeweging, voor cirkels rond de lege kern. Zo verbeeldt de schrijver zeer gevoelig zijn eigen onmacht en is Sprakeloos indirect een boek over lijden en overlijden. Over hoe achterblijvers zich vastklampen aan een herinnering als een hopeloos doekje voor een onstelpbaar bloeden.

  • Willem Jan Otten - Onze Lieve Vrouwe van de Schemering

    Rapport Willem Jan Otten:
    Met Onze Lieve Vrouwe van de Schemering heeft Willem Jan Otten een essaybundel afgeleverd die zijn weerga niet kent. Indringend en intelligent tast de schrijver zijn onderwerpen af. Zo schrijft hij over dichters als Chris J. van Geel, Ida Gerhardt en Willem de Mérode en over filmmakers als Andrej Tarkovski, Robert Bresson en Ingmar Bergman. Dit resulteert in aanstekelijke verhalen die diep graven in de ziel van de literatuur, maar ook in de ziel van Otten zelf. Hij weet verwondering, oprechtheid en een indrukwekkende hoeveelheid kennis en inzicht samen te brengen in een helder filosofisch betoog dat tegelijkertijd leest als een literair verhaal. Zijn zinnen staan stevig als kathedralen en zijn al evenzeer het bewonderen waard door hun verfijning en taalkundige klaarte.

    Otten legt zichzelf bloot: zijn twijfels, zijn zekerheden, zijn fragiele bestaan. Maar door zichzelf breekbaar op te stellen, toont hij eveneens mededogen voor de tere, twijfelende mens in ieder van ons. Het is het persoonlijke zoeken naar het raadsel van het individu dat hem intrigeert, de mens als ʻoneindige verzameling verdwijnpuntenʼ. Film, literatuur en geloof vormen voor de auteur de aanleiding om de werking van de verbeelding met nuchtere, verrassende vragen te onderzoeken. En in de persoonlijke verbeelding van die vragen schuilt Ottens jaloersmakende kracht.

  • Koen Peeters - De bloemen

    Rapport Koen Peeters:
    Koen Peeters schrijft in De bloemen over zijn familieleden als waren ze unieke planten die hij botaniseert om ze zo van de ondergang te redden. De naam van grootmoeder Hortence spreekt wat dat betreft boekdelen. De correspondentie die zij onderhield met haar beide zonen tijdens hun verblijf op een internaat in het Kempense Hoogstraten vormt de kern van Peetersʼ boek. Hierin vertelt ze in geuren en kleuren over hetgeen er thuis gebeurt én in de grote wereld waar de oorlog woedt. Grootvader Louis, die in zuivel handelt, ambieert meer, maar blijft ten slotte trouw aan zijn dorp. Diens zoon René – vader van de verteller – verruimt de familiehorizon: hij kiest als katholiek volksvertegenwoordiger voor de Belgische politiek. De verteller – alter ego van Koen Peeters – is de derde generatie in deze fraai gefragmenteerde, caleidoscopische familieroman die het leven van vroeger reconstrueert via heel bijzondere, sensuele details en treffende anekdotes.

    Maar De bloemen is meer dan een fijnzinnige, orgineel versneden familieroman. Door het familiealbum heen ranken meditatieve passages. Zij gaan over het vervlieden van de tijd, over God die er was en er misschien nu ook nog is, maar minder zichtbaar. De verteller hoopt heimelijk – door deze familiale bloemenblaadjes te inventariseren en op die manier te conserveren voor het nageslacht – een goddelijk werk te doen.

Longlist

Naar de overzichtspagina

Delen