Gouden Zoen 2001

Winnaar

  • Marita De Sterck - Wild vlees

    Een van de opvallende kenmerken van de huidige jeugdliteratuur is dat zij haar grenzen naar boven toe aan het verleggen is. Met andere woorden, naast het gebruikelijke goede aanbod voor de leeftijd van 12 tot 14 jaar zien we steeds meer sterke titels voor de leeftijd vanaf 15 jaar verschijnen. De tendens tot literarisering, die de gehele jeugdliteratuur kenmerkt, komt ook in dit segment van de jeugdliteratuur nadrukkelijk naar voren. Het krijgt bovendien een volwassener karakter. In sommige gevallen komt dit ook tot uitdrukking in de toekenning van een dubbele NUGI-code: die van het jeugdboek en die van de literatuur voor volwassenen.

    Inhoudelijk betekent deze grensverlegging dat de hoofdpersonen met aangrijpende en schokkende gebeurtenissen en ervaringen geconfronteerd kunnen worden, onderwerpen die lezers uit eigen ervaring kennen, die hen bezighouden of waarover zij al eens vaker hebben nagedacht. Wat oudere lezers zullen desondanks of misschien wel daardoor genieten van deze jeugdboeken op een leeftijd waarop in het onderwijs in de tweede fase de nadruk uitsluitend op de literatuur voor volwassenen ligt. De mogelijkheden die deze adolescentenliteratuur biedt voor het onderwijs in die tweede fase zijn zeker nog niet ten volle benut. Ook met behulp van jeugdboeken kan het domein literaire theorie behandeld worden en zeer zeker kunnen de leesbeleving en de smaakontwikkeling op het gebied van fictie, primair aandachtspunten van het literatuuronderwijs, worden verkend en verrijkt.

    Jeugdliteratuur biedt de mogelijkheid de vaak genoemde differentiatie ook daadwerkelijk te realiseren. Ditzelfde geldt voor het fictieonderwijs in de basisvorming; lezers uit die fase van het onderwijs kunnen kiezen uit een breed scala van boeken, uiteenlopend van populistisch tot literair en op die manier passend bij allerlei soorten en groepen lezers. Juist op deze leeftijd, wanneer andere zaken in het leven van jongeren sterk de aandacht vragen, is het belangrijk de liefde voor lezen te blijven stimuleren.

    Het aanbod van afgelopen jaar was onverminderd rijk en gevarieerd. Sommige grote namen continueren het hoge niveau van hun werk, maar grote namen bleken dit jaar niet altijd een garantie voor hoge kwaliteit. De boeken die de jury ten slotte overhield en als een soort short list hanteerde, zijn de boeken die iets bijzonders hebben. Boeken waarover je blijft nadenken omdat ze je op een of andere wijze geraakt hebben. Boeken die uitzonderlijk mooi zijn gecomponeerd en geschreven. De keuze wordt dan moeilijk, want het gaat vervolgens niet alleen om de sterke kanten ervan, maar ook om de vraag hoe zwaar je minpunten wilt laten wegen. De toekenning van de Gouden Zoen, de twee Zilveren Zoenen en de twee Eervolle Vermeldingen aan de vijf werkelijk beste boeken, is dan ook geen kwestie van duidelijke verschillen maar eerder het resultaat van het lang en subtiel wikken en wegen van boeken waarvan de kwaliteiten dicht bij elkaar liggen.

    De variatie aan genres en thema's is groot. Toch kunnen wel wat trends worden bespeurd. Het vertellen van verhalen, door de personages of ingelast door een vertelinstantie, of het benadrukken van de status van het boek zelf als verhaal, is een veel beproefd procédé. Deze werkwijze wordt onder meer gebruikt om een bepaald thema gestalte te geven: het zoeken naar je wortels, de wortels van je cultuur of van je voorouders, het besef krijgen van de opeenvolging van generaties van een familie waarvan je deel uit maakt. Net als in de moderne literatuur voor volwassenen blijkt in de jeugdliteratuur de zoektocht een belangrijk thema te zijn. De hoofdpersonen zoeken naar hun plaats in het leven en in de geschiedenis, soms in het besef dat het altijd improviseren blijft, soms zonder resultaat en uitzichtloos, maar niet zelden ook met het gevoel van geluk en het vermogen het leven zin te geven. Dat personage biedt de mogelijkheid tot identificatie met en de verkenning van de ander, … en het andere, tot het opgaan in de wereld van het verhaal. Hoe zou de waarde van de jeugdliteratuur beter kunnen worden aangegeven? De jury kan één Gouden Zoen en twee Zilveren Zoenen toekennen. Ik noem de namen van de bekroonde auteurs in alfabetische volgorde: David Almond, Marita de Sterck en Karlijn Stoffels. David Almond beschrijft de beklemmende en fascinerende relatie tussen twee jongens die onweerstaanbaar aangetrokken worden door de duisternis en het kwade maar er niet aan ten ondergaan. Marita de Sterck schreef een literair complexe maar ook uiterst boeiende en toegankelijke roman over de relatie van een grootvader en zijn kleinzoon, het verwerken van de dood van de grootvader, en over de liefde van de kleinzoon voor een meisje dat hij al lang kende. Karlijn Stoffels ten slotte maakt ons deel van de belevingswereld van een eenzaam en naïef meisje dat op zoek is naar geluk, geborgenheid en zekerheid maar dat zich voordoet als een volwassen jonge vrouw die zich zelfverzekerd opstelt en van zich afbijt.

    Graag maakt de jury gebruik van de mogelijkheid twee Eervolle Vermeldingen toe te kennen aan boeken die ons bijzonder zijn opgevallen.

    Pete Hautmans De tijdkring is een knap geconstrueerd boek over tijdreizen, een onderwerp dat tot de verbeelding van veel lezers spreekt. Jack ontdekt in het huis van zijn grootvader een bijzondere deur. Wie er doorheen gaat, stapt vijftig jaar terug in de tijd; wie terug wil, gaat opnieuw door de deur maar dan vanaf de andere kant. Er ontstaat een bijzonder vernuftig spel met verschillende tijdsdimensies, wat leidt tot een intrigerende, detectiveachtige opbouw die de lezer nieuwsgierig maakt en aanzet tot reconstructie van de gebeurtenissen. Deze spelen zich onder meer af in de historisch belangrijke periode van de strijd van Amerika tegen Japan in de Tweede Wereldoorlog. Het is een vondst de periode waarin Jack bewusteloos is weer te geven door middel van documenten van het ziekenhuis waarin hij is opgenomen; zelfs typografisch wordt dit perfect gedaan. Zeker geen gemakkelijk boek, maar als het verhaal je eenmaal heeft gegrepen, laat het je niet meer los.

    In Anansi’s web van Lydia Rood voeren een Ghanese en een Surinaamse jongen samen met een Nederlands meisje in Amsterdam voorstellingen op die gebaseerd zijn op Anansi-verhalen. Het is een raamwerk voor historische verhalen over de slavernij: het vervoer van slaven uit Ghana naar Suriname, de opstand op de plantages en de vlucht naar het oerwoud, en over de afschaffing van de slavernij en de overtocht van velen naar Nederland. De drie acteurs zijn nakomelingen van degenen die vroeger op enigerlei wijze betrokken waren bij de slavernij en nu sparen ze met hun performances voor een reis naar Afrika. Het is een goed gedocumenteerd, groots epos over een belangrijk thema, dat in dit boek vanuit het perspectief van de betrokkenen wordt beschreven. De mooie vervlechting van heden en verleden en de knappe invlechting van talrijke Anansi-verhalen in het verhaal maken van Anansi’s web een boeiend en uiterst leesbaar boek.

    Wild vlees, tekst Marita de Sterck (Querido):

    "Geen beter moment om een lief te vinden dan op een begrafenis (…)", zegt de moeder van Julien. Het is een van de vele uitingen van het belangrijkste thema van Marita de Stercks Wild vlees. In een van de beide motto's geeft de auteur dat al aan: "The end is were we start from" (Eliot).

    De zeventienjarige Max is op trektocht in Zwitserland. Hij reageert niet op een briefje waarin staat dat hij naar huis moet bellen. Zijn moeder is immers altijd overbezorgd. Wanneer hij thuiskomt, blijkt zijn opa overleden en al begraven te zijn. Die opa is Julien. Max is woedend en radeloos; hij is niet aanspreekbaar. Hij gaat op onderzoek uit: alle personen en instanties die bij het ongeluk en de begrafenis zijn betrokken, onderwerpt hij aan een streng verhoor. Het gesprek met de begrafenisondernemer is een hoogtepunt.

    Linde houdt hij bewust op afstand; zijn ouders en anderen bestookt hij met beschuldigingen. Max en zijn opa hadden een zeer hechte relatie. Max' verdriet, ongeloof en woede zijn intens en invoelbaar; het louterende rouwverwerkingsproces is indringend beschreven.

    Opeenvolgende generaties kampen met dezelfde angsten. Zo heeft Max moeite te geloven als hij van vakantie terugkomt dat zijn opa echt dood is. Wat als hij levend begraven is? Zijn moeder kent dezelfde angst. Iets in het gesprek met de begrafenisondernemer wijst er al op en later vertelt ze er eerlijk over. Een van de onthutsende ontdekkingen die de lezer doet, is dat de relatie tussen Max en zijn opa helemaal niet zo geweldig begon. Macho opa moest eerst niets van de zwakke baby hebben (hij vond het trouwens ook niet leuk toen hij een dochter kreeg, Max''moeder) en leert Max pas later waarderen, zoals Max gaandeweg moet leren inzien dat zijn beschuldigende houding na de dood van zijn opa niet terecht is. Maar ook is er de zinnelijke liefde die grootouders, ouders en uiteindelijk ook Max en Linde ervaren. Na en door zijn onderzoek en zelfonderzoek kan Max ten volle ingaan op Linde's liefdesverklaring. Het opnieuw beginnen aan het eind is pijnlijk maar kan ook heerlijk zijn.

    Wild vlees is een eigentijds en intrigerend verhaal. Prachtig en lucide verteld, rijk, vol spiegelingen, parallellen en dubbele betekenissen. Opa is een deskundige en liefdevolle kweker van appelbomen en appelboomrassen, en hij brengt deze liefde op Max over. Appels, appelbomen, planten, enten, boomgaard, appels bereiden en eten: alles heeft een plaats in de wereld die het verhaal oproept. Maar bovenal heeft het een symbolische betekenis die zeer knap wordt uitgewerkt. Dood, geboorte, liefde, wording en worteling, hechting en onthechting: ze worden overtuigend en ontroerend aan de hand van het domein van de appel verwoord.

    De ingelaste verhalen over Max' ouders en grootouders zijn juweeltjes op zich; het citaat aan het begin is uit één ervan afkomstig. Het verhaal over betovergrootmoeder Pitta, die in haar doodskist klopsignalen zou hebben gegeven, is meesterlijk; het familieverhaal is de bron van de angst levend begraven te worden. Verhalen helpen bij de verwerking van de dood: ze zorgen voor de ordening van Max' geest.

    De Sterck knoopt met dit verhaal over een initiatieproces en de belangrijke rol die grootouders daarin kunnen spelen aan bij haar eerder werk, met name bij Splinters.

    "Je kon het met niets anders vergelijken, verhalen vertellen", denkt Max. De lezer van De Stercks verhaal zal dat zonder meer met hem eens zijn.

    De jury:
    Dick Schram (voorzitter)
    Jacqueline van der Beek
    Jennifer Hofstede
    Ruud Kraaijeveld
    Christel Ruesen


Naar de overzichtspagina

Delen