Griffels 2003

Ga direct naar

Details:

De Griffeljury 2003 bestond uit:
Helma van Lierop (voorzitter)
Marjolein van Dam
Toin Duijx
Hugo van den Ende
Marie Antoinette Sondeijker



Rapport:

De Griffeljury 2003 heeft de volgende boeken voorgedragen ter bekroning met een Gouden of Zilveren Griffel.
De Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek heeft deze voordracht overgenomen:

GOUDEN GRIFFEL

Daan Remmerts de Vries - Godje , Em. Querido’s Uitgeverij

ZILVEREN GRIFFELS

- Tot 6 jaar - Het begin van de zee, Annemarie van Haeringen, Uitgeverij Leopold

- Vanaf 6 jaar - Schaap met laarsjesMaritgen Matter, Em. Querido’s Uitgeverij

- Mag ik je spook even lenen?Selma Noort, Uitgeverij Leopold

- Vanaf 9 jaar - De zeer volhardende Gappers van FripGeorge Saunders, Uitgeverij Vassallucci

- Informatief - Zwarte peper, scheurbuikVibeke Roeper, Em. Querido’s Uitgeverij

INLEIDING
Kinderboeken jureren blijft een uitdaging. Dat was de conclusie van de jury nadat ze de beoordeling van het kinderboekenaanbod 2002 had afgerond. Ieder jaar opnieuw zijn er aangename en onaangename verrassingen. Een plezierige verrassing was dit keer de categorie vanaf 6 jaar. Het aantal boeken voor deze leeftijdsgroep dat de jury kon boeien, was aanmerkelijk groter dan in het voorafgaande jaar. Dat de meeste bekroningen (twee Zilveren Griffels en drie Vlag & Wimpels) naar deze categorie zijn gegaan, onderstreept deze vaststelling. De jury heeft Noach van Geert De Kockere en Koen Fossey een Vlag & Wimpel gegeven vanwege de originele en intrigerende visie op het bekende bijbelverhaal over Noach en zijn ark. Alle hens aan dek van Bette Westera en Keizer en de verhalenvader van Koos Meinderts kregen een Vlag & Wimpel vooral voor hun overtuigende hoofdpersonages en de natuurlijke wijze waarop ze fantasie en werkelijkheid met elkaar hebben verweven.

Het informatieve jeugdboek was jarenlang het stiefkindje van de jeugdliteratuur. Menig algemene inleiding uit het verleden wees op het, in kwantitatief en kwalitatief opzicht, magere aanbod aan non-fictie. Het is daarom verheugend om te zien dat uitgeverij Querido in deze categorie op de vorig jaar ingeslagen weg is voortgegaan. Net als toen was er ook nu binnen de iQ-reeks van deze uitgeverij een boek dat een Zilveren Griffel dubbel en dwars waard was.

Een onaangename verrassing was dat de categorieën tot 6 jaar en vanaf 9 jaar dit jaar kwalitatief minder uit de verf kwamen dan eerdere jaren. Het lezen en bekijken van de vele boeken die die aandacht eigenlijk niet verdienden, was hard werken. Vaak werd de jury op het verkeerde been gezet door de uiterlijke vormgeving van de boeken. De zorg daaraan besteed was opvallend en werd zeer gewaardeerd. Des te vervelender was het om vervolgens te moeten constateren dat inhoud, stijl en structuur van een boek op geen enkele wijze met die vormgeving in de pas liepen. De vondst van de juweeltjes in deze categorieën die uiteindelijk met een Griffel zijn bekroond, maakte de inspanningen toch meer dan de moeite waard. Aan het slot overheerste dan ook de tevredenheid.

Opnieuw is de jeugdliteratuur verrijkt met een aantal tot de verbeelding sprekende boeken die verrassen door vorm en inhoud. De jury heeft zich met plezier laten meeslepen door de spanning die werd opgeroepen doordat een schrijver meer suggereerde dan met zoveel woorden vertelde. Ze heeft zich laten verleiden door de geestigheid van het idee dat aan een boek ten grondslag lag of de humoristische en liefdevolle uitwerking van personages. En ze was onder de indruk van de zorg waarmee schrijvers hun teksten structureren. De bekroonde boeken zijn naar het idee van de jury zonder uitzondering boeken die de eerder genoemde leeftijdscategorieën overstijgen. Ze zijn te genieten door iedereen die een open oog heeft voor de alledaagse wereld om zich heen en daarnaast verder wil kijken dan zijn neus lang is. Ze dagen de lezer uit na te denken over niet direct te doorgronden kanten van het leven. En ze doen dat vaak met een humor die verfrissend is.

De jury heeft de Griffels dan ook met veel genoegen aan deze boeken toegekend.


Gouden Griffel

  • Daan Remmerts de Vries - Godje

    ‘Ons dorp heeft allemaal huizen die nieuw zijn. Die nieuwe huizen zijn niet mooi en niet lelijk. Je kunt er eigenlijk niets over zeggen. Zelfs de tuinen lijken erg op elkaar. En de straten lijken ook op elkaar. Daardoor is het net alsof ze niet echt zijn.’

    ‘Ons dorp’ is het dorp van Robbie Nathan. Maar het is een dorp waar hij naar zijn eigen idee niet past. Het is te beperkt voor hem, te onecht. Robbie is er namelijk van overtuigd dat hij in staat is tot grootse daden waarmee hij de hele wereld zal verbazen. Hij wil het echte leven en gaat ernaar op zoek. Hij zoekt naar plekjes waar hij zijn gedachten, zijn fantasieën de vrije loop kan laten: bij de rivier die er al was voor de huizen er waren, in de weilanden en op het kerkhof. Daar probeert hij de eentonigheid van zijn bestaan te doorbreken. Hij wil de wereld naar zijn hand zetten en voelt zich ver verheven boven zijn vrienden die hij terroriseert om vooral niet te laten merken dat hij in wezen onzeker is. Robbie Nathan is een echte pestkop, maar zijn onzekerheid en zijn wil om te ontsnappen aan de eentonigheid van het bestaan, maken dat je als lezer toch sympathie voor hem kunt voelen.

    Godje is een boek over dadendrang, onzekerheid, houvast zoeken en de zaak in eigen hand nemen. Dat houvast zoekt Robbie Nathan vooral in de gedachte dat er meer is dan je kunt waarnemen, waardoor Godje ook gaat over de grenzen tussen fantasie en werkelijkheid. Als je alleen maar gelooft wat je ziet met je eigen ogen, dan is de werkelijkheid kaal. Het is ook een boek over leiderschap, groepsprocessen en vriendschap. Robbie ziet zichzelf als de onbetwiste leider die kan eisen wat hij wil. Hij is ad rem en probeert zijn vrienden met snelle reacties zijn wil op te leggen. Pas naar het einde toe lijkt hij zich open te stellen voor echte vriendschap, als hij toegeeft dat het park mooier is omdat hij er samen met Simon loopt. Hij lijkt tot het inzicht te komen dat zijn visie op de werkelijkheid niet de enige is, dat iedereen er op zijn eigen manier naar kijkt.

    Godje heeft de vorm van een cirkelvertelling. Begin en eind omarmen het feitelijke verhaal en wijzen op de kracht van fantasie, het belangrijkste motief in het verhaal. De korte, krachtige zinnen hebben het dwingende dat zo kenmerkend is voor het hoofdpersonage. Door de vervreemdende gebeurtenissen, de verwevenheid van fantasie en werkelijkheid ademt het boek een sfeer die zich het best laat typeren met de woorden meeslepend en intrigerend.

    Remmerts de Vries daagt zijn lezer uit in het verhaal mee te gaan. De jury heeft die uitdaging aangenomen en kreeg daarvoor zoveel terug dat ze de Gouden Griffel een terechte beloning vond.

Zilveren Griffel

  • Annemarie van Haeringen - Het begin van de zee

    Rapport Annemarie van Haeringen:
    Categorie tot 6 jaar

    Kinderen kijken op een andere manier naar de werkelijkheid dan volwassenen. Ze verwonderen zich over dingen die grote mensen als vanzelfsprekend beschouwen en vragen naar het hoe en waarom. Dan blijkt dat lang niet alle volwassenen de wijsheid in pacht hebben. ‘Waar begint de zee?’ is zo'n vraag. Het jongetje Kofi woont dicht bij de zee, ergens in de Caraïben. Hij is gek op schilderen en geïnspireerd door een tentoonstelling van zeegezichten, besluit hij zelf de zee te schilderen. Maar waar is het begin? Kofi gaat op zoek en krijgt tijdens zijn boottocht hulp van meevarende volwassenen die allemaal hun eigen antwoord hebben op zijn vraag. De haringman denkt dat het begin aan de overkant ligt, de ijscoman veronderstelt dat de zee leegloopt wanneer er ergens een stopje uitgehaald wordt en de garnalenvisser meent dat het begin van de zee in het midden ligt. De boot wordt voller en voller en de opvarenden lijken het doel van de tocht te vergeten. Kofi heeft de moed net opgegeven als hij een oude botenbouwer ontmoet die hem het antwoord op zijn vraag kan geven: ‘Ik was er zelf bij toen de zee begon’.

    Prentenboeken vertellen een verhaal in woord en beeld. Harmonie tussen tekst en tekeningen bepaalt de literaire kwaliteit. Annemarie van Haeringen is er in Het begin van de zee uitstekend in geslaagd die eenheid tot stand te brengen. Tekst en beeld vertellen samen een rond verhaal waaraan een duidelijk idee ten grondslag ligt. De fascinatie voor de zee en het schilderen is direct heel zichtbaar. De tekeningen tonen de emoties van Kofi en zijn medepassagiers die in de tekst nu eens wel en dan weer niet expliciet worden benoemd: de aarzeling om met schilderen te beginnen, de vrolijkheid van de reizigers die zich steeds minder druk maken over het doel van de reis, de moedeloosheid van Kofi als hij het antwoord na zijn omzwervingen nog steeds niet weet en de zelfverzekerdheid waarmee hij tenslotte het begin van de zee schildert.

    Het begin van de zee is een sfeervol prentenboek. De tocht in het noodweer met de botenbouwer en zijn dieren, een verwijzing naar Noach, is indringend en met enige dreiging in beeld gebracht. De paraplu en de woorden van de botenbouwer stellen gerust. De platen van de boot vol mensen die genieten van de zee en elkaars gezelschap stralen warmte en vrolijkheid uit. Het verhaal over Kofi en zijn zoektocht naar het begin van de zee is een heerlijk boek om in te kijken en te lezen.

  • Maritgen Matter - Schaap met laarsjes

    Rapport Maritgen Matter:
    Categorie vanaf 6 jaar

    Wolf en schaap zijn een beproefd dierenduo in de kinderliteratuur. Elk nieuw verhaal over deze combinatie loopt daarom het risico meer van hetzelfde te zijn. De auteur zal de nodige creativiteit en inventiviteit aan de dag moeten leggen om niet in de valkuil van de herhaling te trappen. Dat is Maritgen Matter in haar debuut Schaap met laarsjes wonderwel gelukt. Dit humoristische verhaal over instinct en echte emotie, over natuur en beschaving, is nieuw en verfrissend, ook al roept het plot even de herinnering op aan Kwark de kraai die in Otje van Annie M.G. Schmidt de muizen niet wil opeten, omdat ze een naam hebben.

    In dit mooi vormgegeven boekje gaat Wolf, die van meet af aan zowel menselijke als dierlijke trekjes heeft, op zoek naar eten. Zijn instinct volgend gaat hij binnen in een grote stal waar hij precies dat aantreft wat hij nodig heeft: een eenzaam schaap. Wolf wil niets liever dan haar opeten, maar gecultiveerd als hij is - hij draagt een gouden horloge en is een liefhebber van wijn - wil hij dat in stijl doen. In zijn poging het allemaal zo netjes mogelijk te doen, raakt hij echter steeds verder verwijderd van zijn doel.

    Gevleid door de bewondering die Schaap voor hem toont, geeft hij uiteindelijk het initiatief helemaal uit handen, waardoor niet Schaap, maar hijzelf bijna het loodje legt. Gelukkig is Schaap er om hem te redden en thuis te brengen. Terwijl de tweestrijd tussen natuur en cultuur bij Wolf tot het einde toe doorgaat, is Schaap zich slechts heel nu en dan van de dreiging die hem boven het hoofd hangt bewust: ‘‘Het is hier wel stil,’ zei Schaap, terwijl hij rondkeek. ‘Kun je Ervaringen hier al horen?’ ‘De stad is nog zeer ver,’ sprak Wolf. ‘En hier woont niemand. Wij zijn geheel alleen.’ Schaap bekeek Wolfs gezicht. Hij begon er een beetje eng uit te zien.’ Het goedgelovige schaap is vooral onder de indruk van Wolf, zeker als deze bevestigt dat hij een ‘dichter uit Ervaringen’ is die bovendien ‘een belangrijk uurding van goud’ draagt.

    Maar Schaap met laarsjes boeit niet alleen door de knap neergezette personages. De aantrekkingskracht zit zeker ook in de stijl, de goed gekozen woorden, het vaak geestige spel met woordbetekenissen en de liedjes, waarin het instinct van Wolf, opgezweept door het ritme van de muziek, even weer de overhand krijgt. Om in stijl te blijven: dit verrassende debuut smaakt naar meer!

  • Selma Noort - Mag ik je spook even lenen?

    Rapport Selma Noort:
    Categorie vanaf 6 jaar

    Mare, Sil en Geerten zijn geen onbekenden. Eerder beschreef Selma Noort de belevenissen van dit drietal en hun ouders al in Met de koppen tegen elkaar en Gestampte meisjes en weggegooide jongens. Als geen ander weet ze de drie kinderen en hun moeder en vader tot leven te brengen. Vanaf de eerste bladzijde vergeet je dat het personages zijn en heb je het gevoel dat het gaat om kinderen uit je eigen omgeving. Sil, Geerten en Mare zijn heel verschillend van karakter, maar alledrie even geloofwaardig en levensecht. De drukke en vaak dominante Sil wordt verliefd op het nieuwe meisje in zijn klas en vindt het ineens belangrijk hoe hij er uit ziet: ‘Hij gaat naar de badkamer en kijkt in de spiegel naar zijn gezicht. Op zijn neus zit een schram. Zijn lippen zijn een beetje schraal. Hij pakt mama’s stiftje met lippenvet en wrijft er wat vet op.’ De onzekere Geerten blijft een vertederende pechvogel, terwijl Mare zich moeiteloos staande houdt tussen haar twee broers.

    De grote kracht van Mag ik je spook even lenen? is de bijna achteloze manier waarop Selma Noort vertelt over de belevenissen van de drie kinderen en over hoe ze met hun ouders en met elkaar omgaan. Soepel schrijvend laat ze heel overtuigend zien dat Sil, Geerten en Mare vaak niet met elkaar, maar in elk geval niet zonder elkaar kunnen. Ruzies zijn aan de orde van de dag, maar als mama uitschiet met de tondeuse en Geerten gemillimeterd moet worden, dan doen ze allemaal hun best om hem te troosten. De gebeurtenissen en emoties zijn herkenbaar voor zowel jonge lezers als volwassen voorlezers. De warmte in dit gezin en de humor in de omgang met elkaar spatten van de bladzijden af.

    Ten opzichte van Met de koppen tegen elkaar en Gestampte meisjes en weggegooide jongens is dit derde boek over Sil, Geerten en Mare evenwichtiger. De verschillende hoofdstukken sluiten beter op elkaar aan en vormen meer een eenheid. De vraag voor wie de verschillende verhaaltjes bestemd zijn, dringt zich niet meer op. Ze zijn voor iedereen die houdt van met zorg en betrokkenheid vertelde, realistische verhalen over personages die echt zijn. Voor die eigenschappen krijgt Mag ik je spook even lenen? een Zilveren Griffel.

  • Vibeke Roeper - Zwarte peper, scheurbuik

    Rapport Vibeke Roeper:
    Categorie informatief

    Boeiende informatieve kinderboeken waren lange tijd een schaars goed, maar het tij lijkt te keren. Werden we vorig jaar al verrast met Het koeienboek van Bibi Dumon Tak, dit jaar verscheen in dezelfde reeks het interessante Zwarte peper, scheurbuik van Vibeke Roeper over de Verenigde Oost-Indische Compagnie.

    Van de VOC zullen weinig kinderen zich een duidelijke voorstelling kunnen maken. In het beste geval hebben ze er iets over gehoord in de geschiedenisles of naar aanleiding van de vierhonderdste verjaardag van de oprichting van de compagnie in 2002. Des te bewonderenswaardiger is de prestatie van Vibeke Roeper. Zij is er in geslaagd het doel en de werkwijze van deze bijzondere organisatie voor kinderen inzichtelijk te maken. Dat ze daarbij kiest voor het perspectief van kinderen die als scheepsjongen of als passagier op een VOC-schip hebben gevaren, is een vondst die minder voor de hand ligt dan op het eerste gezicht lijkt. Zoals de auteur zelf in haar inleiding opmerkt: ‘Het is eigenlijk vreemd dat er in alle boeken en verhalen over de VOC bijna niets wordt verteld over kinderen. Want die waren er wel.’

    Helder en concreet is de informatie die wordt gegeven, maar nergens kinderachtig. Na het lezen van de informatie is het ook voor kinderen van deze tijd, die in één dag van Amsterdam naar Djakarta kunnen vliegen, mogelijk zich een voorstelling te maken van de duur van zo'n reis in de tijd van het VOC en de ontberingen die de reizigers daarbij moesten doorstaan. Ook de verhoudingen tussen mensen in die tijd, het gevaar van muiterij, kapers en piraten dat voortdurend op de loer lag, wordt begrijpelijk verwoord. De vele voorbeelden ondersteunen dat begrip en vergroten de aantrekkelijkheid.

    Vibeke Roeper heeft Zwarte peper, scheurbuik geschreven met veel kennis van zaken. Uit alles blijkt bovendien dat ze niet alleen veel weet van het wel en wee van de Verenigde Oost-Indische Compagnie, maar ook zeer betrokken is bij het onderwerp, dat ze ervan houdt. Haar serieuze aanpak, de zorg besteed aan de opbouw van het boek, inclusief VOC-woordenlijst en register laten zien dat ze die kennis en betrokkenheid graag met haar lezers, van welke leeftijd dan ook, wil delen. Dat alles maakt Zwarte peper, scheurbuik tot een enthousiasmerend boek.

  • George Saunders - De zeer volhardende gappers van Frip

    Rapport George Saunders:
    Categorie vanaf 9 jaar

    De titel wekt direct nieuwsgierigheid: ongewoon, een tikje absurd. Wie na het lezen van de titel het boek openslaat, ontdekt dat de vlag de lading dekt. De zeer volhardende Gappers van Frip is een ongewoon, licht absurdistisch boek, waaruit overigens veel over de werkelijkheid te leren valt. De vormgeving is bijzonder. De strak getekende maar barok gekleurde illustraties passen perfect bij het verhaal.

    Frip is niet meer dan drie scheefgezakte hutjes aan zee met drie kleine geitenweitjes. Het dorpje wordt al sinds mensenheugenis geplaagd door Gappers. Gappers zijn ‘ongeveer zo groot als een honkbal, feloranje en met allemaal ogen, zoals de ogen op een aardappel.’ Ze klitten op de vacht van de geiten en vormen een ware plaag met hun schelle gegil. De kinderen van het dorp hebben er een dagtaak aan de Gappers te verwijderen, maar telkens keren ze terug. In het hutje het dichtst bij de zee woont Capabeltje met haar vader. Ze doet haar naam alle eer aan. Als de Gappers op een dag zich niet meer over de drie geitenweitjes verdelen en alleen haar geiten plagen, doet ze eerst een beroep op de solidariteit van haar buren. Daar overheerst echter het ‘ieder voor zich en God voor ons allen’, zodat Capabeltje haar eigen oplossing bedenkt. Ze doet de geiten van de hand en voorziet met vissen in haar levensonderhoud. De buren vragen nu op hun beurt aan Capabeltje om steun om de Gappers te verjagen. Hoewel ze neigt naar oog om oog, tand om tand, merkte ze al snel ‘dat het helemaal niet grappig was om het soort persoon te zijn dat lekker zit te eten in een warm huis terwijl anderen in het donker op hun dak zitten te bibberen.’ Het leven werd beter, behalve natuurlijk voor de vissen en de Gappers. Maar ook die laatsten komen uiteindelijk goed terecht.

    De zeer volhardende Gappers van Frip is een fantastisch verhaal over de werkelijkheid. De vreemde gebeurtenissen en de reacties van de personages daarop houden de lezer een spiegel voor waarin de scherpe kanten van de economie, het vasthouden aan tradities tegen beter weten in en de egocentrische houding van mensen op niet mis te verstane wijze zichtbaar worden. De onderhoudende verteltrant van Saunders, zijn absurdistische humor en de wetenschap dat verbetering altijd mogelijk is, zorgen ervoor dat het verhaal nergens loodzwaar wordt. Het effect is er echter niet minder om.

Vlag & Wimpel

Naar de overzichtspagina

Delen