Saïdjah en Adinda als muziekvoorstelling

Gepubliceerd: 05-03-2004

‘Ik weet en kan bewijzen dat er veel Adinda's waren en veel Saïdjahs, en dat, wat verdichtsel is in 't bijzonder, waarheid wordt in 't algemeen. Ik zei reeds dat ik de namen kan opgeven van personen die, zoals de ouders van Saïdjah en Adinda, door onderdrukking werden verdreven uit hun land.’ Het tragische verhaal van Saïdjah en Adinda dat Multatuli vertelt in het zeventiende hoofdstuk van Max Havelaar, is zo bekend dat het ook daarbuiten een eigen leven is gaan leiden en in Indonesië behoort tot de canon van volksverhalen.

De theatermakers Martinus Miroto, Blacius Subono en Slamet Kardjono hebben nu met het verhaal van het tweetal als rode draad een groot opgezette muziekvoorstelling rond Max Havelaar gemaakt, waarbij ze zijn uitgegaan van een eigen Indonesische interpretatie. Op vrijdag 12 maart beleeft die op het Wereld Muziektheater Festival in het KIT Tropentheater in Amsterdam haar wereldpremière. Saïdjah en Adinda wordt uitgevoerd door een ensemble van 25 Indonesische acteurs, dansers en musici. ‘Gezongen in het Bahasa Indonesia, gedanst in een eigentijdse interpretatie van de traditionele Javaanse dans en met begeleiding van een compleet Javaans gamelanorkest ontvouwt het drama zich in deze dans- en muziektheaterproductie,’ aldus een woordvoerder van het Festival.

De voorstelling, die is voorzien van een Nederlandse ‘boventiteling’, gaat vervolgens op tournee langs zes theaters in Nederland en Vlaanderen. Voor het Multatuli Museum in Amsterdam is de voorstelling aanleiding tot het inrichten van een tentoonstelling rond het verhaal van Saïdjah en Adinda, die vanaf 2 maart te zien is.